Voor Email naar de website klik hier

              

HOOGFEEST VAN ALLERHEILIGEN  1 november.

 

Heiligen zijn vooreerst de heilig verklaarden. Gods hei-

ligen, aan wie velen van ons hun voornamen hebben ontleend om ons onder hun bescherming te stellen.

Daarnaast een hele grote schare uit alle volken, die niemand tellen kan. Onder hen bevinden zich onze dierbaren: overleden ouders, kinderen, echtgenoten, vrienden en bekenden, die wij erg missen en die een leegte in ons leven hebben achtergela-

ten. Zij mogen God aanschouwen van aangezicht tot aangezicht.

Het feest van Allerheiligen is ontstaan in 610 onder paus Bonifatius IV. Een paar jaar later werd het feest in de kalen-

der geplaatst op 1 november.

Heilig betekent: toebehoren aan God.

Zou het niet in de lijn van de woorden van Jezus liggen

“wie niet tegen Mij is, is voor Mij”  in die gemeenschap van heiligen alle mensen te zien, die van goede wil zijn en met hart en ziel gewerkt hebben en werken aan vrede en gerechtig-

heid? Laten wij aan al die mensen denken als wij in het weekend van 1 november Allerheiligen vieren.

 

ALLERZIELEN  2 november.

 

Dit is een dag van gebed voor allen, die uit het leven zijn

heengegaan. Een goed katholiek gebruik, dat dateert uit het jaar 998, ingesteld door ene abt Odilo van het klooster Cluny in Frankrijk. Dit initiatief zou te maken hebben gehad met de manier, waarop onze verre voorouders toen dachten over de gestorvenen. Zij waren er van overtuigd, dat geesten en demonen de luchten bevolkten. De doden zouden blijven rondspoken zolang zij niet tot rust waren gebracht.

En wie kon beter rust schenken dan Hij, die met Zijn offer de dood had overwonnen?

In het bijzonder zullen in alle parochies op deze dag de overledenen worden herdacht, die in de periode van 1 oktober 2008 tot 1 oktober 2009 zijn gestorven.

Degenen, die in deze periode een dierbare hebben verloren, zijn speciaal voor deze vieringen uitgenodigd. Tijdens de

vieringen worden de namen van de overledenen genoemd en worden voor hen (graf) lichtjes ontstoken.

In de St.Lambertusparochie zullen zij, na afloop van de viering van 18.45 uur, met de andere aanwezigen, worden uitge-

nodigd in processie naar het kerkhof te trekken om daar te bidden en te zingen en lichtjes te plaatsen op de graven en urnen van hun dierbare overledenen. Het kerkhof is daarvoor speciaal met grote lantaarns verlicht.

Alleen bij heel slecht weer zal de processie naar het kerkhof niet doorgaan. De lichtjes kunnen dan op een later tijdstip op de graven cq urnen worden gezet.

 

FEEST VAN DE INWIJDING VAN DE BASILIEK VAN LATERANEN. 9 november

 

De Basiliek van Lateranen was het eerste kerkgebouw van de christenheid van Rome. Boven de ingang staat: “Moeder en Hoofd van alle kerken” . Zij is de eigenlijke kathedraal van de paus

(niet de St.Piter dus) en werd door keizer Constantijn in zijn paleis van Lateranen op de plaats gebouwd, waar hij het heilig doopsel heeft ontvangen van paus Silvester. Later werd deze kerk ook toegewijd aan de H.Johannes de Doper. Zij is de oude doopkerk van Rome. De inwijding vond plaats in het jaar 324.

“Onze bedevaartgangers” hebben in deze kerk eucharistie gevierd.

Dit inwijdingsfeest wordt herdacht op 9 november.

 

FEEST VAN DE HEILIGE MARTINUS VAN TOURS:  

 

Martinus is geboren in 316 te Sabaria in Hongarije.

Als jongen van 10 jaar liet hij zich in de kerk opnemen als doopleerling. Vijf jaar later trad hij in het leger en diende onder twee keizers. Als soldaat ontmoette hij eens bij de stadspoort een arme naakte bedelaar, die hem om een aalmoes vroeg. Omdat hij niets anders bij zich had dan zijn wapens, gaf hij hem een stuk van zijn soldatenmantel. Op 18-jarige leeftijd werd hij gedoopt. Na enige jaren werd hij bisschop van Tours, waar hij een klooster liet bouwen en daarin, met 80 monniken, een buitengewoon heilig leven leidde. God heeft door Zijn dienaar Martinus verschillende wonderen gedaan. Enkele volkstradities markeren nog steeds zijn sterfdag: 11 november.

In Nederland trekken de kinderen met lampionnen zingend langs de huizen om snoep e.d.op te halen. Ooit probeerde men met dit zingen brandstof voor de wintertijd te verkrijgen.

 

GEDACHTENIS VAN DE WIJDING VAN DE BASILIEKEN ST.PETRUS EN ST.PAULUS.  

 

Keizer Constantijn liet de Petrus-basiliek bouwen, die in 326 werd geconsacreerd. Toen in de 16e eeuw er grote restauraties aan de kerk moesten gebeuren, liet paaus Julius II een geheel nieuwe Petruskerk bouwen. Na 120 jaar was deze gereed en werd

op 18 november 1626 gewijd. Het graf van de Prins der Aposte-

len is alle eeuwen door het doel geweest van vele pelgrims.

Ongeveer tegelijk met de eerste Pertruskerk liet keizer

Constantijn op het graf van Paulus een kerk bouwen. Door nala-

tigheid van een loodgieter brandde de kerk in 1823 grotendeels af. Met behulp van de hele christelijke gemeenschap over de hele wereld werd de basiliek van St.Paulus buiten de Muren in ongeveer dezelfde grootte en vorm opgebouwd en op 10 december

1854 door paus Pius IX plechtig ingewijd.

De gedachtenis van de wijding van beide basilieken vindt plaats op 18 november.

 

CHRISTUS   KONING.  

 

In het laatste weekend van het liturgisch jaar – dit jaar dus op 25 en 26 november- viert de katholieke kerk het feest van  Christus, koning van het heelal. Vroeger noemde men de laatste zondag van het kerkelijk jaar ook wel de “zondag van het laatste oordeel”.In de teksten van de liturgie voor deze dag valt dan ook weinig triomfantelijks te ontdekken.

Christus de Koning is een herder met maar  één zorg: zijn mensen en vooral de minsten onder die mensen: “Wat je aan de minsten der Mijnen hebt gedaan, heb je aan Mij gedaan” zegt Jezus.

En wat het laatste oordeel betreft, wordt verwezen naar wat de evangelist Matteüs zegt:

“Alle volken zullen vóór Hem bijeengebracht worden en Hij zal ze in twee groepen scheiden, zoals de herder een scheiding maakt tussen schapen en bokken. De schapen zal Hij plaatsen aan Zijn rechterhand en de bokken aan Zijn linker. Dan zal de Koning tot die aan Zijn rechterhand zeggen: Komt gezegenden van Mijn Vader en ontvangt het rijk, dat voor u gereed is vanaf de grondvesting der wereld.
En tot die aan Zijn linkerhand zal Hij dan zeggen: Gaat weg van Mij vervloekten in het eeuwige vuur, dat bereid is voor de duivel en zijn trawanten. Want Ik had honger en gij hebt Mij niet te eten gegeven. Ik had dorst en gij hebt Mij niet te drinken gegeven. Ik was een vreemdeling en gij hebt Mij niet opgenomen, naakt en hebt Mij niet gekleed. Ik was ziek en in de gevangenis en gij bent Mij niet komen opzoeken”.

 

ADVENT.


In het weekend van 2 en 3 december begint,  met de eerste zondag van de Advent, een nieuw liturgisch jaar.

Advent betekent: er aan komen.

Het zijn de vier voorbereidingsweken voor Kerstmis. Weken vol verwachting naar de komst van Gods zoon Jezus Christus.

De liturgische kleur van de Adventstijd is paars, de kleur van boete en bezinning.

In de liturgievieringen zijn veel van de lezingen gekozen uit de profeten, de wachters bij uitstek. Vooral Jesaja komt aan het woord. Een andere centrale figuur is Johannes de Doper en tenslotte  de vrouw, die het meest “het er aan komen van Gods zoon” aan den lijve heeft ervaren: Maria.

Drie mensen in afwachting van de Heer.

 

ADVENTSKRANS.

 

Tijdens de vieringen vanaf het laatste weekend van november tot en met het laatste weekend vóór Kerstmis zal in elk weekend telkens een nieuwe kaars worden ontstoken totdat er in totaal vier kaarsen zullen branden.

In nagenoeg alle kerken wordt wel een adventskrans geplaatst.

De grootte van deze krans dient zo mogelijk in harmonie te zijn met de ruimte waarin deze wordt geplaatst. Zo is voor de St.Lambertuskerk in het verleden gekozen voor een grote krans in de vorm van een wiel, dat wordt bekleed  met dennentakken of ander groen.

Wat betekent het ritueel om elk weekend in deze voorbereidings-

tijd op kerstmis een nieuwe kaars te ontsteken voor ons in deze tijd?  Dat zou kunnen zijn, dat Christus de vitaliteit en het licht is, die de verwachtingen van de mensen vervult. In het steeds toenemende aantal brandende kaarsen kan een expressie gezien worden van het groeiende  (brandende)  verlangen naar de  KOMENDE.  

 

FEEST VAN DE H.NICOLAAS.  

 

Over de H.Nicolaas is niet zo erg veel bekend. Hij is geboren in Patara in Lycië een vroegere provincie van Klein-Azie.

Nicolaas hielp graag ongelukkige mensen. Op een zeereis bad hij om een storm te laten gaan liggen en zijn gebed werd verhoord. Hij wordt daarom ook vereerd als patroon van de schippers.

Hij wordt bisschop van Myra en vereerd als een groot weldoener.

In ons land is hij  de grote kindervriend en zijn feest wordt dan ook elk jaar uitbundig door de kinderen gevierd op 6 december.

 

FEEST VAN DE HEILIGE AMBROSIUS

 

Ambrosius werd in 340 geboren in Trier. Toen vader stierf verhuisde het gezin naar Rome, waar Ambrosius zich voorbereidde op een ambtelijk loopbaan. In een rumoerige periode werd hij door het volk tot bisschop gekozen. Hij bezweekonder die aandrang en ging snel theologie studeren, verdiepte zich in de H.Schrift en werd een beroemd predikant.

Augustinus werd door hem bekeerd en gedoopt. Ambrosius heeft voortdurend geijverd voor de zuiverheid van het geloof, voor de goede zeden, voor het kloosterleven en voor de eredienst. Hij dichtte latijnse hymnen en voerde de beurtzang in: het Te Deum behoort tot de meest bekende. Hij overleed in Milaan in 397 en ligt begraven in de kerk van de H.Ambrosiusaldaar. 

Zijn gedachtenis wordt gevierd op 7 december.

 

FEEST VAN DE ONTVANGENIS VAN MARIA

 

Op 8 december wordt dit grote feest gevierd.

Maria mag met recht een kind van God genoemd worden. De diepgang van haar geloofsleven maakt haar transparant voor de krachten van de geest. De intensiteit van haar liefde voor God vindt een antwoor in de wonderlijke zwangerschap en in de geboorte van Jezus, de Zoon van God. Haar liefde voor God maakt haar zuiver. Zij is bereid te ontvangen. Zij is 

bereid de wil van God te doen:  " Mij geschiede naar Uw woord" .

Reeds in de 8e eeuw  vierde  men dit feest in het oosten en eeuw later ook in het westen.

In 1854 werd door paus Pius IX het dogma afgekondigd, dat Maria zonder erfzonde was ontvangen. Sindsdien heet het feest:  de Onbevlekte Ontvangenis van Maria. In 1858 heeft Maria in Lourdes dit dogma bevestigd gtegenover Bernadettedoor te zeggen:  "Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis".

 

GEDACHTENIS VAN DE HEILIGE LUCIA, MAAGD EN MARTELARES.

 

Lucia stamde uit een aanzienlijke familie te Syracuse op Sicilie. Zij verloor vroegtijdig haar vader. Toen haar moeder Eutychia ongeneeslijk ziek werd, gingen zij samen ter bedevaart naar het graf van de H.Agatha te Catena. Het meisje kreeg meer dan zij vroeg, want terwijl zij onder tranen bad, verscheen haar de gelukzalige Agatha, die Lucia's hoge uitverkiezing reeds aankondigde: " Waarom doet gij een beroep op mij? Zelf kunt gij uw moeder evengoed geven wat gij mij verzoekt".

Als bewijs van de waarheid van deze voorspelling verkreeg zij onmiddellijke genezing van haar moeder. Als gunst smeekte Lucia haar moeder haar toe te staan zich geheel aan God te mogen wijden in plaats van de heidense jongeman te moeten huwen, die aan haar was toebedacht en haar bruidsschat onder de armen te mogen verdelen. Toen de heiden deze plannen  vernam, klaagde hij Lucia aan bij de rechter. Zij onderging allerlei wreedheden en werd tenslotte om haar standvastigheid met het zwaard gedood. De sterfdag van de heilige Lucia ligt rond het jaar 304.

Zij wordt herdacht op 13 december.

 

FEEST VAN DE H. PETRUS CANISIUS, PRIESTER EN KERKLERAAR

 

Peter werd geboren als oudste zoon van mr. Jacob Kanis in 1521. Op 5-jarie leeftijd verloor hij zijn moeder.  Op haar sterfbed beloofde haar man de kinderen in de katholieke godsdienst op te voeden. Als 14-jarige begon Peter zijn studie aan de universiteit van Keulen en studeerde daarna theologie in Leuven.  Toen hij 22 jaar was, sloot hij zich aan bij de Jezuieten.

Petrus Canisius (latijns voor Peter Kanis) was veelzijdig begaafd. Hij nam deel aan de vergaderingen van theologen en van het Concilie van Trente. Hij doceerde aan de universiteit van Wenen en daar ontstond zijn beroemde Catechismus. De grote latijnse uitgave daarvan werd aangepast aan het lager- en middelbaar onderwijs in twee beknopte edities. Wat wij ouderen op school aan catechismusonderricht hebben ontvangen, danken wij voor een groot deel aan deze heilige. Tijdens zijn leven gold hij al als een beroemdheid. Op 21 december 1597 is hij te Freiburg in Zwitserland gestorven. Hij werd in 1925 door paus  Pius XI heilig verklaard en om zijn catechismus, zijn vele preken, brieven en geschriften voor het herstel en de vestiging van de katholieke kerk in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk verheven tot kerkleraar.  Zijn graf bevindt zich in Freiburg.

Enkele relieken zijn naar Nijmegen overgebracht naar de St.Ignatiuskerk, thans H.Petrus Canisiuskerk.

 

KERSTMIS.

 

Jezus geboortefeest wordt gevierd op 25 december

'We horen voor het eerst van Jezus' geboortefeest ongeveer halverwege de vierde eeuw (± 350). Het werd gevierd op 25 december.

Waarom precies op 25 december? Op die dag werd in het oude romeinse rijk in de donkerste periode van het jaar het feest van de god van de zon gevierd, dat het weer lichter begon te worden en dat de zon terug kwam.

De christenen, geloofden niet in de zonnegod, maar in Jezus. Hij was in deze duistere wereld gekomen als het waarachtige licht.

Toen men een dag zocht om Jezus' geboorte te vieren, koos men dus deze dag.

Sindsdien is het kerstfeest op 25 december een van de meest tot de verbeelding sprekende feesten geworden. In de loop van de eeuwen zijn er allerlei gebruiken bijgekomen. Ook paste men oude vóórchristelijke gebruiken in het christelijke feest.

Tot op de dag van vandaag viert men overal op de wereld het kerstfeest als een feest van vrede en goedheid.